Hobbyvoeders Muylle

Activiteit

aanmaak en verkoop van hobbyvoeders.

Voorheen

Croonemolen, Huis Raes-Holvoet, Firma Raes.

Mijlpalen

• 1779 : bouw van de Kroontjesmolen.
• 1883 : aankoop door Isidoor Raes-Vanclooster.
• 1918 : verwoesting van de molen door terugtrekkende Duitsers.
• 1921 : overname van de gemechaniseerde molen door Odiel Raes-Holvoet.
• Vanaf de jaren 1920 : naast het malen van graan, handel in meststoffen en granen.
• 1950 : overlijden van Odiel; zijn vrouw Augusta Holvoet leidt de zaak enkele jaren.
• 1956 : oprichting van Raes pvba met Norbert en Gilbert als zaakvoerders.
• 1956 : bouw van de eerste silo aan de vaart.
• 1979 : plots overlijden van Gilbert Raes.
• 1981 : overname van de maalderij en handel door de gebroeders Muylle.
• Vanaf 2000 : specialisatie in het formuleren, mengen en verkopen van hobbyvoeders.
• 2025 : Michiel Muylle komt in de zaak.

Historiek

‘Ook neerhofdieren zijn koren op hun molen’.

Voor de graanmengerij van Hobbyvoeders Muylle aan de Heirweg ligt een grote molensteen als stille getuige van een lange molenaarsgeschiedenis. Het is een restant van de in 1779 gebouwde Kroontjesmolen. Vanaf het einde van de negentiende eeuw is deze in het bezit van de familie Raes, een molenaarsgeslacht afkomstig uit Handzame.

In 1873 huwt Constant Raes uit Beveren-Roeselare met Amelia Soenen en wordt eigenaar van de “Kruisstraatmolen” in Handzame.

De ‘Kruisstraatmolen’ of ‘Raes' molen is een stenen stellingmolen (koren en olie) die staat op het gehucht ‘Kruisstraat’, dit is het kruispunt van Amersveldestraat en Groenestraat. De molen werd in 1846 gebouwd door bakker Engelbertus Decoutter uit Handzame.

Het gezin krijgt vijf zonen: Cyriel, Richard, Isidoor, Odiel en Oscar. Het geluk is echter van korte duur. Bij de geboorte van hun jongste zoon Oscar overlijdt Amelia, en drie jaar later sterft ook Constant Raes. De vijf kinderen blijven als wezen achter en worden door familie opgevangen in Roeselare, Beveren en Handzame.

De jaren erna wordt de molen opeenvolgend door Jules Vandenberghe en Jozef Darras uitgebaat.

Pas jaren later keert een deel van de familie terug naar de molen in Handzame. In 1913, na zijn huwelijk met Alida Derynck, baat Isidoor, samen met zijn broer Oscar terug de ouderlijke molen uit. De twee broers moderniseren hun bedrijf en plaatsen een mechanische maalderij met een armgasmotor. Zo kunnen ze ook malen wanneer er weinig wind is.

De Kruisstraatmolen komt ongeschonden uit de woelige oktoberdagen van 1914. Tijdens het eindoffensief, op 4 oktober 1918, wordtd de molen echter getroffen door een voltreffer afgevuurd vanop Houthulst-Terrest. De windmolen wordt niet heropgebouwd, maar vervangen door een mechanische maalderij.

Isidoor Raes-Derynck verhuist naar Gits, waar hij met zijn schoonbroer een olieslagerij aan de Bruggesteenweg ('t Stoomtuig) uitbaat. Het bedrijf verhuist in 1928 naar de Vaart van Roeselare en blijft actief tot 1960.

De molenaarsfamilie Raes keert hierna terug naar Beveren-Roeselare : naar de ‘Kroontjesmolen’ op de Kapelhoek.

De ‘Kroontjesmolen’ is een houten koren- en oliemolen, type driezolder-staakmolen, gelegen op de hoek van de Heirweg (nr. 69) en de Lichterveldestraat. De olieslagerij bevindt zich op de onderste zolder. De naam van de molen verwijst naar de herberg ‘De Croone’, die vroeger op deze plek stond.

Deze molen is in 1779, na een langs dispuut, door de heer van Beveren François Antione de Plotho d’Inghelmunster gebouwd. De heer van Beveren is niet zo happig om de ‘Kroontjesmolen te bouwen. De nieuwe molen is een concurrent van de ‘Plaatsmolen’, waarvan hij ook eigenaar is.

Markies Eustache Amédée de Calonne de Courtebourne uit Gent, gehuwd met een dochter van baron François Antoine de Plotho d'Inghelmunster, verkoopt de ‘Kroontjesmolen’ (met woonhuis, bijgebouwen, zaailand en meers) in 1841 aan de weduwe en kinderen van Edouard Vancanneyt.

De molen was sinds 1840 in gebruik door Francis Bouckaert. Latere eigenaars zijn Antonius Ledoux en landbouwer Isidoor Verholle-Vergote.

De kinderen van Isidoor Verholle verkopen de molen in 1883 aan Isidoor Raes-Vanclooster (niet te verwarren met Isidoor Raes-Derynck), deze molenaar is afkomstig van de ‘Plaatsmolen’ in Beveren. In 1916 plaatst hij eveneens in een afzonderlijk gebouw een armgasmotor, zodat hij tijdens windstille dagen toch kon malen.

Isidoor heeft verschillende activiteiten : malen van graan, drogen van chicorei en handelen in meststoffen en voederstoffen, granen, zaden, bloem enz.

Op 18 oktober 1918 wordt de molen door de Duitsers gedynamiteerd. Een foto toont ons het resultaat: de molenkast is naar beneden gevallen doordat de teerlingen ten gevolge van de explosie waren weggeslagen. De wiekenas is doorgebroken en de roeden staan in x-stand tegen de molenkast.

Isidoor Raes-Vanclooster, die in 1926 overlijdt, laat de molen, die nu een mechanische maalderij (met 3 steenkoppels en een haverpletter) is, in 1921 over aan zijn neef Odiel Raes-Holvoet, één van de vijf zonen van Constant Raes.

Bij de overname geeft zijn broer Richard wat advies in dichtvorm:

‘Molenaars met belang dit lezen; Gij moet vroeg in den molen wezen. Maak zelf hem open en dicht. Want ziet hij niet door eigen oogen. Licht dat gij dan eens wordt bedrogen. Uw taak, o baas, is lang niet zo licht.’

De ongehuwde Richard maakt zijn erfdeel over aan zijn broer Odiel, net voor hij in 1944 overlijdt aan een hartziekte. Net als zijn voorganger maalt Odiel graan en handelt hij in meststoffen, voeders, granen en bloem.

Zes jaar later overlijdt ook Odiel en zijn weduwe Augusta Holvoet (1892-1980) leidt enkele jaren de zaak met de steun van haar zonen. In 1956 wordt de pvba Raes opgericht, met Gilbert (1924-1979) en Norbert Raes (1928-2013) als zaakvoerders. Ze bouwen in 1956 aan de Roeselaarse vaart een eerste silo, die in 1960 wordt uitgebreid. Ook de activiteiten aan de Heirweg blijven behouden.

Aan de Trakelweg langs de vaart zorgt de firma Raes voor het transport, het lossen en het stockeren van zowel tarwe, haver en gerst als lijnzaad, sojaschroot en maïs. Deze grondstoffen worden met lichters vanuit de haven van Antwerpen in aanzienlijke hoeveelheden aangevoerd. Een factuurboekje vermeldt het lossen van 520 ton Russische gerst op 27 juli 1957 en een stockageprijs in de silo van 1 frank per maand per 100 kg.

Heel wat bekende namen maken gebruik van hun diensten, zoals Maselis Roeselare, Laga Veevoeders, Ostyn Passendale, Vermast Oudenburg, Debrabander Roeselare, d’Aussy Torhout en vele anderen.

In 1979 slaat het noodlot echter toe wanneer Gilbert Raes op 54-jarige leeftijd overlijdt. Zijn weduwe Marie-Louise Cuvelier (1940-2022) besluit de zaak niet verder te zetten en de silo’s worden tot 2025 verhuurd aan de veevoederfabrikant Versele-Laga en daarna verkocht aan Soubry.

In 1981 worden de maalderij en de bijhorende handel overgenomen door de gebroeders Frans en Paul Muylle. Tot 1983 wordt er nog graan gemalen; daarna dienen de installaties enkel nog voor het mengen van zaden en granen. De focus verschuift steeds meer naar de verkoop van voeders voor huisdieren en de handel in meststoffen en tuinmaterialen. Enkele jaren later wordt een gedeelte van de oude maalderij afgebroken en wordt een winkel met bijhorende opslagplaats gebouwd.

In 2018 bereikt Paul Muylle de pensioenleeftijd en in 2019 komt Greet Verhelle, de echtgenote van Frans, voltijds in het bedrijf. In 2025 vervoegt hun zoon Michiel het bedrijf, waarmee de toekomst is verzekerd.

De specialiteit van de firma Muylle is voeders voor vogels, duiven en pluimvee, die in het bedrijf worden geformuleerd en gemengd. Daarnaast wordt er voeding aangeboden voor heel wat andere hobbydieren : kleine huisdieren (honden, katten, knaagdieren) en neerhofdieren (schapen, geiten, paarden).

Ook de tuinafdeling heeft een groot aanbod, van potgrond en meststoffen tot tuingereedschap en zaden.

🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
🔍
VORIGE INDEX VOLGENDE